SMP-soort:
De broedvogels

Waarom zijn broedvogels beschermd?

Elk voorjaar bouwen duizenden vogels een nest om hun jongen groot te brengen. Tijdens deze broedperiode zijn vogels extra kwetsbaar voor verstoring. Werkzaamheden aan gebouwen, bomen, tuinen of groenvoorzieningen kunnen ertoe leiden dat nesten worden beschadigd of dat oudervogels hun nest verlaten.

Daarom zijn alle inheemse broedvogels in Nederland beschermd onder de Omgevingswet. Dit betekent dat actieve nesten niet mogen worden verstoord, beschadigd of verwijderd zolang deze in gebruik zijn.

Door bij werkzaamheden rekening te houden met broedvogels beschermen we niet alleen individuele vogels, maar dragen we ook bij aan het behoud van de biodiversiteit in onze leefomgeving.


Wanneer is het broedseizoen?

Er bestaat geen vaste wettelijke periode waarin het broedseizoen begint of eindigt. De daadwerkelijke broedperiode is afhankelijk van de vogelsoort, het weer en de locatie.

In de praktijk wordt vaak rekening gehouden met de periode van ongeveer 15 maart tot 15 juli. Sommige soorten beginnen echter eerder met broeden of hebben meerdere broedsels per jaar. Daarom is niet de kalender bepalend, maar de aanwezigheid van een actief nest.

Voordat werkzaamheden worden uitgevoerd, is het belangrijk om te beoordelen of vogels daadwerkelijk aan het broeden zijn.

 

Welke werkzaamheden kunnen invloed hebben?

Veel alledaagse werkzaamheden kunnen gevolgen hebben voor broedvogels. Denk aan het snoeien of verwijderen van bomen en struiken, dakrenovaties, gevelwerkzaamheden, sloopprojecten, onderhoud aan gebouwen of werkzaamheden in parken en openbaar groen. Ook isolatieprojecten kunnen invloed hebben wanneer vogels gebruikmaken van openingen onder dakpannen, in gevels of andere delen van een gebouw.

Wanneer een nest aanwezig is, moeten werkzaamheden vaak worden uitgesteld of aangepast totdat de vogels zijn uitgevlogen.

 

Niet ieder nest is hetzelfde

De meeste vogelsoorten bouwen ieder jaar een nieuw nest. Zodra het broedseizoen voorbij is en het nest niet meer in gebruik is, vervalt de bescherming van dat specifieke nest.

Er zijn echter ook vogelsoorten waarvan de nestlocatie jaarrond beschermd kan zijn. Dit geldt bijvoorbeeld voor soorten die ieder jaar terugkeren naar dezelfde nestplaats of sterk afhankelijk zijn van een vaste verblijfplaats. Voorbeelden hiervan zijn de gierzwaluw, huismus en verschillende roofvogels.

Juist daarom is een goede ecologische beoordeling vooraf zo belangrijk.

 

De rol van het Soortenmanagementplan

Steeds meer gemeenten werken met een Soortenmanagementplan (SMP). Binnen een SMP is vooraf onderzocht welke beschermde soorten in een gebied voorkomen en welke maatregelen nodig zijn om deze soorten duurzaam te beschermen.

Hierdoor kunnen werkzaamheden efficiënter worden uitgevoerd, terwijl tegelijkertijd rekening wordt gehouden met beschermde vogels en hun leefomgeving.

Voor initiatiefnemers biedt dit meer duidelijkheid over de voorwaarden waaronder werkzaamheden mogen plaatsvinden.

 

Hoe ondersteunt SMP-Beheer?

SMP-Beheer helpt gemeenten bij de uitvoering van het Soortenmanagementplan en ondersteunt het volledige proces rondom vergunningverlening en natuurbescherming.

Wanneer een aanvraag wordt ingediend, toetst het platform automatisch of werkzaamheden binnen het gemeentelijke Soortenmanagementplan vallen. Op basis daarvan wordt een Ecologisch Werkprotocol (EWP) opgesteld waarin staat welke maatregelen nodig zijn om beschermde soorten en broedvogels te ontzien.

Daarnaast ondersteunt SMP-Beheer de registratie van voorzieningen, ecologische maatregelen, vergunningen, geodata en monitoring. Hierdoor beschikken gemeenten altijd over een actueel overzicht van de bescherming van soorten binnen hun grondgebied.

Aranea Solutions

Wilt u weten hoe wij uw gemeente kunnen ondersteunen?
Plan dan direct een demo van SMP-Beheer.